Duurzame mobiliteit als ruimtelijke opgave

Blog - 7 juli 2016

“Ingewikkelde tijden – uitdagende opgaven” luidt de titel van het advies dat Platform31 publiceerde voor de komende Tweede Kamerverkiezingen. Welke ruimtelijke planningkwesties moeten volgens het platform worden geagendeerd? Ze noemen er drie, en vergeten er minstens één: de verduurzaming van onze mobiliteit.

Ingewikkelde tijden, dat kun je wel zeggen. De crisis is over en direct neemt de filedruk weer toe – of komt dat door al die regenbuien? Dieselgate is losgebarsten en over zaken als luchtkwaliteit en uitstoot wordt flink gesteggeld. Van het rijksbeleid straalt geen enkel gevoel voor urgentie uit voor verduurzaming van de mobiliteit. Gemeenten die vervuilende dieselauto’s willen weren worden gedwarsboomd door de rijksoverheid. Langzamerhand, te langzaam volgens kenners, verschijnen er oplaadpalen in het straatbeeld maar de verkoop van elektrische auto’s stagneert na de afbouw van belastingvoordeel. Cafés nemen parkeerplaatsen in beslag als terras. De fiets mag zich verheugen in toenemende belangstelling bij beleidsmakers. In verschillende steden worden prachtige nieuwe stations geopend. Maar de trein blijft toch een zorgenkind.

De impact van ‘mobiliteit’ op de ruimtelijke organisatie, de inrichting en de leefbaarheid van ons land en onze steden is enorm. De behoefte ons te verplaatsen neemt toe met de welvaart. Die mobiliteitsgroei kan met een sterk centraal gestuurde ruimtelijke ordening wat worden beperkt door mensen de keus te geven dichtbij werk, voorzieningen en openbaar vervoer te wonen, maar een dergelijke planning vindt in Nederland niet plaats.
De huidige mobiliteit is in verschillende opzichten niet duurzaam. Het energieverbruik en de uitstoot van schadelijke stoffen is enorm, waardoor de leefbaarheid nu rondom de infrastructuur slecht is en het klimaat straks onherstelbare schade wordt toegebracht. Transport over de weg is ruimschoots het grootste aandeel en gebruikt vrijwel uitsluitend fossiele brandstoffen (nu 99%, de “ambitie” van het beleid is dit te laten dalen tot 97,5% in 2020). Verhogingen van de maximumsnelheid en plannen voor meer asfalt laten zien dat de urgentie om aan die uitstoot iets te doen bij de regering niet wordt gevoeld. Innovatie en uitbreiding van railtransport is in Nederland minimaal.

Ook het ruimtegebruik van onze mobiliteit is niet duurzaam. De steeds toenemende hoeveelheid verharding ten behoeve van wegen en parkeerplaatsen staat op gespannen voet met een toekomstbestendige waterhuishouding. De roep om stedelijke verdichting als alternatief voor uitbreiding in open gebied klinkt steeds luider. Mensen willen in fijne steden wonen, werken en recreëren. Ondertussen raken die steden steeds meer verstopt met autoverkeer, ondanks dat nu al een groot deel van de openbare ruimte door autoverkeer in beslag wordt genomen. Hoge dichtheden in woningbouw en stadscentra worden bemoeilijkt door hoge ‘parkeernormen’, zelfs op stationslocaties. De kwaliteit van het leefmilieu in de steden lijdt onder het autoverkeer. Tot en met de onveiligheid rond basisscholen. Worden er innovatieve alternatieven ontwikkeld?

Verschillende vormen van collectief vervoer kunnen oplossingen bieden doordat zij per reiziger veel minder ruimte vergen en bovendien veel energievriendelijker zijn. Samen met de fiets voor kortere afstanden vormt railvervoer een ideaal koppel. De capaciteit en de kwaliteit daarvan kan en moet veel sterker worden ontwikkeld dan nu gebeurt. Dat kan alleen als het ook duidelijk ten koste gaat van (investeringen in en ruimte voor) autoverkeer. Het signaal moet zijn: als u ervoor kiest in de auto te stappen kiest u niet voor vlot, veilig en schoon verkeer. (Nu wordt het slagen van een project dat een alternatief biedt voor de file niet afgemeten aan het succes van dat alternatief, maar aan het al of niet verminderen van de file – met andere woorden: het gaat niet om het aanbieden en gebruiken van het alternatief als oplossing, maar om degenen die weigeren het alternatief te gebruiken en toch weer de auto te pakken. maar mensen kunnen toch kiezen als het alternatief goed functioneert!).

Voor een gezonde ontwikkeling van onze steden is sterke verbetering van de ketenmobiliteit een voorwaarde. De aansluiting van voet- en fietsverkeer op collectief vervoer per rail moet perfect zijn. De (elektrische) auto mag de stad in voor het hoogst noodzakelijke. Niet alleen het vervoer van personen maar ook dat van goederen moet efficiënter en schoner. Daarmee verbetert het stedelijke leefklimaat en komt er bovendien veel ruimte vrij voor een aangenamer en intensiever stedelijk gebruik.

Over het bovenstaande wordt door veel deskundigen, ontwerpers en plannenmakers gedacht en gepraat. Er kan veel als de urgentie wordt onderkend. Dus, Platform31: agendeer ook kennisontwikkeling, ontwerp en innovatie van mobiliteit als één van de zogenoemde 'Uitdagende Opgaven'. Dat is absoluut nodig om het vooralsnog ontbrekende krachtig sturende beleid op verduurzaming van mobiliteit aan te jagen.

TERUG

DELEN

Uw reactie plaatsen: